Over vleeskleurige panty’s en werkweigering

 

foto (77) Donderberg 2

“Door verhalen te delen leer je belangrijke lessen over het leven.” vertelde ik laatst tijdens een lezing over storytelling in het oosten van het land. “Kan je daar een voorbeeld van geven?” vroeg de directeur van een zonweringsbedrijf praktisch. Ik moest daar even over nadenken. Toen vertelde ik dit verhaal.

Groen als gras
Ik was een jaar of 16, nog zo groen als gras, toen ik werkte als serveerster bij de Donderberg. De Donderberg was toentertijd nog een chic en voornaam restaurant in Leersum, een klein dorpje op de Utrechtse Heuvelrug. We zouden het nu vergane glorie noemen. Ik droeg een witte blouse, zwart rokje tot over de knie, een klein wit poplin schortje, vleeskleurige panty en platte zwarte schoenen. De gasten aten escargots, biefstuk in twee delen opgediend op een zilveren schaal en geflambeerde kersen. Door mij vakkundig aangestoken op de flambeerwagen midden in het restaurant.

Druk, druk, druk
Werken bij de Donderberg was voor mij een bijbaantje. Want ik spaarde voor een nieuwe stereotoren. De rest van de week zat ik op school in Doorn. Elke dag van Leersum naar Doorn fietsen. Bijna 9 kilometer heen en weer terug. En heel veel huiswerk maken. Dat begon te knellen. Want ik werd naast mijn vaste werkdag op zondag steeds meer gevraagd om ook op zaterdag, vrijdag of donderdag in te vallen. Ik vond het moeilijk om nee te zeggen.

Dat zal ze leren
Op een dag waren mijn vriendin Jolanda, die er ook werkte, en ik het zat. Ze moesten toch begrijpen dat het voor ons maar een bijbaantje was. Wij hadden het zwaar en veel te druk. Wij moesten steeds de gaten in het rooster vullen. En de Donderberg draaiende houden. Terwijl de andere collega’s in vaste dienst waren. Maar niemand luisterde naar ons. Dus we bedachten een plan. We zouden het ze laten voelen. En goed ook. Wat dachten ze wel niet.

Ik weet het nog goed. Het was een vrijdagmiddag, rond een uur of vier. De lente was in aantocht. Jolanda en ik fietsen naar de Donderberg en stapten op Gerda, de bedrijfsleider af. “Wij hebben er genoeg van,” stelden we beleefd. Als jullie niet naar ons willen luisteren, dan maar voelen. Dit weekend komen we allebei niet werken. Dan zullen jullie wel merken wat er gebeurd. Dat jullie zuinig op ons moeten zijn. Want zonder ons kunnen jullie de tent niet draaien.”

Werkweigering
Maar in plaats van dat Gerda huilend op haar knieën viel, ons smeekte te blijven, beloofde haar leven te beteren, ons excuses en salarisverhoging aanbood, sprak ze gedecideerd:  “Dat noem ik werkweigering. Pak je spullen maar van boven. Jullie hoeven allebei helemaal niet meer te komen.” Dat hadden we niet verwacht. De tranen prikten achter mijn ogen. Bang en beschaamd slopen we naar boven. We pakten onze reserve panty’s, leverden het rokje en het schortje in. Met gebogen hoofd liepen we naar buiten en stapten op onze fiets naar huis. Onderweg huilde ik tranen met tuiten. Dat weekend draaide de Donderdag gewoon weer op volle toeren. Zonder ons.

Levensles
Ik keek de groep weer aan. De directeur knikte begrijpend. “Eigenlijk leerde ik in de Donderberg een belangrijke levensles. De wereld draait ook door zonder mij. Iedereen is vervangbaar.”

Overigens is het met ons goed gekomen. Een dag later vond ik een nieuw baantje in een snackbar. Jolanda ging in een pannenkoekenrestaurant werken. Als er ergens een deur dicht gaat, gaat er ergens anders weer een open. Had ik al verteld dat je door het delen van verhalen leert over het leven?

Say Something

Your email address will not be published.